In uitzending 65 van ATLAS (Radio 1, zondag 22 november 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ (rond 19.50 uur) over:
Krokodillen die dino’s aten. In de Sahara zijn fossiele resten van zes nog onbekende soorten krokodillen gevonden. Ze leefden 100 miljoen jaar geleden, in de tijd dat de dinosaurussen het landleven domineerden. De zes soorten vertonen opvallende verschillen die te maken hebben met hun prooidieren en wijze van jagen. De soort met de bijnaam ‘DogCroc’ had de poten onder het lijf staan (in plaats van aan de zijkant) en kon rennend zijn prooien achtervolgen. ‘BoarCroc’ was de grootste (6 meter) en had drie rijen slagtanden – net als een wild zwijn - om zijn prooi te verscheuren. ‘PancakeCroc’ met zijn reusachtige platte kop met scherpe tanden lag doodstil met zijn bek open in het water, wachtend op vissen. De slechts drie meter lange ‘DuckCroc’ had een soort eendenbek met gevoelige sensoren om prooien aan de waterkant op te sporen. De officiële wetenschappelijke namen publiceerde Paul Sereno (University of Chicago) en Hans Larsson (Redpath Museum, McGill University, Canada) in het online tijdschrift ZooKeys.
Scans van de schedels bracht aan het licht dat de hersenen van deze uitgestorven soorten beter ontwikkeld waren dan van de krokodillen van nu. Dat krokodillen nu nog voorkomen hebben ze vermoedelijk te danken aan hun amfibische levenswijze. Dino’s leefden alleen op het land.
Het Dode Dier van de Week is de houtsnip (Scolopax rusticola). Deze dagen is de doortrek van deze prachtige in herfstkleuren gestoken steltloper op zijn hoogtepunt en vallen er talloze raamslachtoffers. Ze trekken ’s nachts, worden dan door het licht van steden aangetrokken en landen tussen gebouwen. ’s Morgens gaan ze rondvliegen en vliegen dan meestal tegen glazen gebouwen aan. Ik neem een opgezette houtsnip mee. Het is behalve een mooie vogel ook smakelijk om te eten. ‘Een snepje met zijn drekje’ gold vanouds als een delicatesse. Zijn er luisteraars die wel eens snippendrek hebben gegeten? Gaat het echt om de (rauwe) ontlasting of worden de darmen samen met de rest van de ingewanden bereid?
Snippen staan overigens nu niet meer op de menukaart. De jacht is sinds een paar jaar verboden.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – In navolging van het strobalenplassen van vorige week (dat de compostering versnelt) nu een Fins onderzoek dat aantoonde dat menselijke urine een goede kunstmest-vervanger is. Koolplanten groeiden beter na regelmatige toediening van urine en – niet minder belangrijk – smaakten zelfs beter of even goed als koolplanten die met of zonder kunstmest waren opgekweekt. Zie Journal of Agricultural and Food Chemistry 55(21). [Met dank aan Rik Kuiper en Tonie Mudde, voor hun nieuwe boek ‘Maak nooit je bed op’ 115 wetenschappelijke tips voor het dagelijks leven. Staat vol met eersteklas onwaarschijnlijk (nuttig)onderzoek.]
In uitzending 64 van ATLAS (Radio 1, zondag 15 november 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ (rond 19.50 uur) over:
Ze waren warmbloedig. Dat is de conclusie van een recente studie naar het antwoord op de vraag die wetenschappers al lang bezighoudt (en in twee kampen verdeelt): ‘Waren dinosaurussen koudbloedig of warmbloedig?’ Herman Pontzer (Washington University, St. Louis) en collega’s (The Royal Veterinary College, London) formuleren hun conclusie minder stellig, maar hun nieuwe biomechanische benadering (een model dat de energiekosten van lopen en rennen bepaalt op basis van de lengte van de botten in de achterpoot) wijst er sterk op dat de grotere dino’s niet aangedreven zouden kunnen worden door een koudbloedige stofwisseling. Warmbloedige dieren kunnen simpelweg meer energie produceren. De conclusie van Pontzer, afgelopen week gepubliceerd in PLoS ONE, sluit aan bij een oudere studie naar het gefossiliseerde hart van een grote dino die stelde dat het hart – met vier kamers en een enkele aorta – in beginsel het hart van een warmbloedig dier is. Het koudbloedige kamp heeft al tegenargumenten geventileerd.
Het Dode Dier van de Week is de mug. Dit naar aanleiding van het verschijnen, volgende week, van het boek ‘Mug’, geschreven door de medisch-entomoloog Bart Knols, over de fascinerende en genadeloze wereld van deze bloedzuigers. Hij beschrijft hoe muggen het verloop van de wereldgeschiedenis hebben bepaald, hoe onderzoekers ontdekten welke rol muggen spelen bij ziekteoverdracht, en hoe de wetenschap naarstig zoekt naar nieuwe bestrijdingsmethoden: van klamboes en schimmels tot genetische modificatie en sterilisatie van mannetjesmuggen met behulp van radioactieve straling. ‘Mug’ beantwoordt vragen als: beschermt het eten van knoflook of het drinken van bier tegen muggen? En waarom wordt de een altijd gebeten en de ander nooit? Knols beschrijft ook zijn eigen onderzoek waarmee hij ontdekte dat Afrikaanse malariamuggen net zo verzot zijn op zweetvoetengeur als op het aroma van Limburgse kaas.
Ruim twintig jaar eigen onderzoek en opgedane kennis samengebald in een vlot leesbaar, machtig interessant boek. Warm aanbevolen door de huisbioloog.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – [de BBC meldt:] De Britse hovenier Philip Whaites propageert een nieuwe methode om, op een duurzame manier, sneller van de enorme hoeveelheid herfstbladeren (bladafval) af te komen. Hij introduceerde het ‘plassen in je tuin’. Op het landgoed Wimpole Hall waar hij werkt, zette hij alle tuinlieden aan om op speciaal daarvoor geplaatste strobalen te plassen. Aan het eind van de dag worden de ‘pisbalen’ over de composthoop uitgespreid. De urine blijkt het composteerproces te activeren en versnellen. Bovendien, zo berekende hij, bespaart plassen in de tuin 30% water omdat de toiletten veel minder doorgespoeld worden. Heb je een composthoop, plas er dan in, luidt het advies van Whaites. Wetenschappelijke bewijs is er (nog) niet.
In uitzending 63 van ATLAS (Radio 1, zondag 8 november 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ (rond 19.50 uur) over:
De nieuwe Rode Lijst van de IUCN – Van 47.677 beoordeelde plant- en diersoorten zijn er 17.291 met uitsterven bedreigd. Het gaat om 30% van alle soorten amfibieën, 21% van alle zoogdiersoorten, 12% van alle vogelsoorten. Voor het eerst zijn er nu ook lijsten van bedreigde planten, insecten en weekdieren. Die zijn niet compleet, maar het blijkt wel dat bijvoorbeeld libellen ernstig bedreigd worden. Eigenlijk is het zo dat als er een bepaalde diergroep nauwkeurig bekeken wordt, steeds blijkt dat er voor de overleving van een hoog percentage van de soorten gevreesd moet worden.
De aantallen en de snelheid waarmee diersoorten uitsterven zijn vele malen hoger dan de successen die af en toe geboekt worden. Zo bleek onlangs dat de uitgestorven gewaande Banggaikraai (Corvus unicolor)nog voorkomt ophet Indonesische eiland Banggai. Hoera!
Het Dode Dier van de Week is de rode eekhoorn (Sciurus vulgaris). Dit is de soort die inheems is in Nederland. Door de invoer van exotische eekhoorns die als huisdier gehouden worden en vervolgens ontsnappen, dreigt de rode eekhoorn te verdwijnen. In Groot-Brittannië heeft de grijze eekhoorn (Sciurus carolinensis, uit de VS) zich in de loop van 80 jaar breed gevestigd en de inheemse rode eekhoorn massaal verdrongen. De populatie rode eekhoorns is op veel plekken uitgestorven. Op dit moment zijn er in Groot-Brittannië naar schatting meer dan 2,5 miljoen grijze eekhoorns en nog maar 140.000 rode eekhoorns. Voordat dit onheil ook de onze eekhoorn treft, wordt Nederland verboden terrein voor de grijze eekhoorn, de Pallas’ eekhoorn en de Amerikaanse voseekhoorn. Minister Verburg (LNV) heeft deze week bekendgemaakt dat ze de handel en het houden van deze dieren gaat verbieden. Het besluit is het resultaat van een studie naar 38 (!) uitheemse eekhoornsoorten die in Nederland in dierenwinkels verkrijgbaar zijn. Het is niet te voorkomen dat deze dieren soms ontsnappen en zich in Nederland in het wild vestigen en handhaven. Bij de 34 andere exotische eekhoornsoorten is de kans dat ze het in het wild redden veel kleiner.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – Professor T. Steuart Watson, destijds verbonden aan de Mississippi State University ontdekte een effectieve manier om het bekladden van muren van openbare toiletten te stoppen. Hij verwijderde de graffiti grondig en hing een bordje op met de mededeling: ‘Een gediplomeerd arts zal een bepaald geldbedrag aan een goed doel doneren voor elke dag dat deze muur onbeschreven blijft.’ Zonder het bordje nam het aantal aangebrachte tekens op de muur toe van 0 tot 350 in 15 dagen. Toen het bordje verscheen, werd er niet meer op de witte muur geschreven. Hij publiceerde zijn verbluffende resultaten in Journal of Applied Behavior Analysis 29: 121-124 onder de titel ‘A promt plus delayed contingency procedure for reducing bathroom graffiti’. Als verklaring geeft Watson ‘het bordje brengt altruïstische gevoelens boven’ maar, benadrukt hij, ‘ook de aanwezigheid van een waarnemer (in de toiletruimte) kan de toiletbezoekers van het bekladden van de muren hebben weerhouden’. Zie ook improbable.com.
In uitzending 62 van ATLAS (Radio 1, zondag 1 november 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ ( rond 19.50 uur) over:
Bijen die mensentranen drinken. In Thailand zijn angelloze bijen ontdekt die op het onderste ooglid van mensen landen en vervolgens minutenlang traanvocht drinken. Meestal betrof het een enkele drinkende bij, maar het aantal drinkende bijen per oog kon oplopen tot zeven. Pas bij meerdere drinkende bijen werd het als hinderlijk ervaren, voornamelijk als gevolg van een sterke tranenstroom. Knipperen of sluiten van de ogen weerhielden de bijen niet van drinken. Mensentranen waren duidelijk favoriet boven die van honden en runderen. Rottend vlees, gerookte vis, natte Ovomaltine® en Gruyère, werd niet door de traandrinkende bijen aangeraakt.
Het was niet bekend dat bijen ‘lachryfagie’ (traandrinken) vertoonden. Bij vliegen en vlinders was het wel vastgesteld. De onderzoekers veronderstellen dat de bijen op het hoge eiwitgehalte van menselijk traanvocht afkomen en niet alleen het vocht en zout benutten.
Het Dode Dier van de Week is de witte rog (Rostroraja alba) die langs de kusten van de oostelijke Atlantische Oceaan voorkomt. Deze roofvis kan tot 230 cm groot worden. Ik neem een eikapsel mee, een kanjer van 25 centimeter mee, gevonden langs de kust van Zuid Afrika. Het is een museumstuk dat samen met nog veel meer haaien- en rogge-eieren afkomstig uit de collectie van Peter Bor, vanaf zaterdag 7 november geëxposeerd zal worden in de tentoonstelling ‘Op Zee’ in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Eikapsels van roggen spoelen vaak aan op het strand en worden zeemeermintasjes genoemd. Langs de Nederlandse kust gaat het om eikapsels van kleine soorten, zoals de stekelrog (Raja clavata). De laatste jaren worden ze steeds minder gevonden.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – Vrouw slikt 78 lepels en vorken (in twee maanden). In Medisch Contact van 8 oktober 2009 (en deze week ook [met foute informatie over de identiteit van de patiënt en de ouderdom van de casus] op Telegraph.co.uk) wordt melding gemaakt van een 52-jarige Nederlandse vrouw die zich in het ziekenhuis meldt met buikklachten. Ze geeft zelf aan dat de klachten zijn begonnen nadat ze een grote hoeveelheid bestek tot zich genomen had. Op een röntgenfoto zijn inderdaad ‘lichaamsvreemde’ voorwerpen in de maag te zien. Een operatie was nodig om ze te verwijderen. Het bleek te gaan om in totaal 78 lepels en vorken (vreemd genoeg geen messen). De patiënt mocht na vier dagen weer naar huis.
Deze ernstige psychiatrische stoornis wordt ‘Pica’ genoemd, naar de wetenschappelijke naam van de ekster (Pica pica), de kraaiachtige vogel die er om bekend staat alles te eten en glimmende voorwerpen in zijn nest te verzamelen. Het eten van ijzer bestek is slechts één vorm van Pica. De aandoening behelst het doorslikken van talloze om niet-eetbare dingen, zoals aarde, verfschilfers, zand, dierenuitwerpselen etc. Bij Pica-patiënten die bestek eten wordt soms ‘bloedarmoede’ (ijzergebrek) als bijkomende oorzaak genoemd.
In uitzending 61 van ATLAS (Radio 1, zondag 25 oktober 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ ( rond 19.50 uur) over:
Vogelgriep is seksueel overdraagbaar. Onderzoekers uit Hongarije, Frankrijk en België hebben sterke aanwijzingen gevonden dat het vogelgriepvirus seksueel overdraagbaar is, tenminste bij eenden. Zij publiceerden hun studie in het vakblad Behavioral Ecology. Het blijkt dat eenden met een kleine penis die het bijgevolg rustig aan doen tijdens de seks, een grotere kans hebben om (de eieren van) hun partner met het vogelgriepvirus te besmetten. Bij eendensoorten met een lange penis die er flink op los paren (verkrachten) is die kans veel kleiner. Die oorzaak ligt in de eendenvagina. Bij vrouwtjeseenden van verkrachtende soorten heeft de vagina een hele complexe bouw, waardoor besmetting (via seks) moeilijker plaatsvindt.
De onderzoekers vonden ook dat eenden met een lange penis een kleinere en minder kleurrijke signaalvlek op de vleugels hebben. Hierdoor kunnen eenden met een verhoogde kans op besmetting gemakkelijk in het veld opgespoord worden: zoeken naar eenden met grote en kleurrijke vleugelvlekken.
Geen dood dier deze week, maar aandacht voor De Nacht van de Nacht die dit weekend plaatsvond. De Nacht van de Nacht wil mensen bewust maken van lichtvervuiling en van de mogelijkheden om deze vorm van vervuiling terug te dringen en mensen laten genieten van de donkere nacht. Uw huisbioloog heeft zoals gewoonlijk voor een dagactief-zoogdier geslapen gedurende de nacht, maar gaat in deze uitzending in op de vraag ‘Waarom zijn er eigenlijk nachtdieren?’.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – De druppelende theepot. De Franse natuurkundigen Cyril Duez, Christophe Ybert, Christophe Clanet en Lyd´eric Bocquet verlosten de mensheid van een van de meest irritante dagelijkse ongemakken: het druppelen van de tuit van de theepot. Zij publiceerden de resultaten van hun onderzoek 17 oktober 2009 online in arXiv [cond-mat.soft] onder de titel ‘Beating the teapot effect’.
Hoewel het probleem alledaags is, is de oplossing behoorlijk technisch. Uw huisbioloog studeert nog op het artikel om het helder te kunnen verwoorden.
Channel Nine nieuwslezer Peter Hitchener had een onverwachte gast in het nieuwsbulletin van zes uur: een witkopmeeuw (Larus novaehollandiae). De vogel verscheen op de real-time projectie van Melbourne die live achter de nieuwslezer werd geprojecteerd terwijl hij over een moordzaak rapporteerde. Zie hier een van de vele nieuwsberichten over dit onderwerp. [Ook DWDD maakte er melding van.]
De eerste meeuw die ooit live en onaangekondigd op de televisie verscheen?
In uitzending 60 van ATLAS (Radio 1, zondag 18 oktober 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ ( rond 19.50 uur) over:
Mammoetbot met recordlengte opgevist uit de Noordzee – In het zandwingebied voor de aanleg van de Maasvlakte 2 is onlangs intensief ‘gevist’ naar fossielen van ijstijdzoogdieren. Er zijn zestien zogenaamde ‘trekken’ met een Eurokotter gedaan. De vondsten (voornamelijk resten van de wolharige mammoet) duiden er op dat het nieuwe zandwingebied een ware fossielengoudmijn is voor toekomstig onderzoek. Een van de vondsten is meteen een unicum: een gigantisch, puntgaaf dijbeen van een mammoet (Mammuthus primigenius) met een lengte van 133 cm. Volgens mammoetkenner Dick Mol is dat een record voor Nederland. Het fossiele dijbeen is van een oude stier met een schouderhoogte van ongeveer 350 cm. Een echte reus, want de gemiddelde schouderhoogte van een wolharige mammoet is 260 – 270 cm
Het Dode Dier van de Week is de Laysan-albatros (Phoebastria immutabilis). Op internet (de website van fotograaf Chris Jordan) verschenen deze week schokkende foto’s van kadavers van jonge albatrossen waarvan de magen vol zitten met plastic afval. Kennelijk zien de oudervogels drijvende plastic flesdoppen, wegwerpaanstekers, tandenborstels etc. aan voor voedsel en voeren dat aan hun jongen. De jonge albatrossen stikken in het plastic, of hun met plastic gevulde magen zijn zo zwaar dat ze nooit het luchtruim kunnen kiezen. De kadavers zijn gefotografeerd op het eiland Midway in het hart van de Stille Oceaan, waar de Laysan-albatros in grote aantallen nestelt. Zeestromen zorgen ervoor dat er zich bij Midway een enorme hoeveelheid drijfvuil concentreert.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – Onderzoeken naar het hoe en waarom van de seksuele geaardheid van de mens zijn tamelijk controversieel. Een mooi voorbeeld is het werk van Amar J.S. Klar in Journal of Genetics 83(3): 251-255: ‘Excess of counterclockwise scalp hair-whorl rotation in homoseksual men’. U leest het goed: ‘Surplus van tegen-de-klok-in-draaiende hoofdhaarkruinen bij homoseksuele mannen’. Dr Klar deed zijn onderzoek onder badgasten op het strand van Rehoboth in de Amerikaanse staat Delaware, dat bekend staat als een vakantiebestemming van homoseksuele mannen. Maarliefst 29.8% van de 272 op de kruin gekeken homomannen bleek een linksdraaiende kruin te hebben, terwijl dit bij een willekeurige steekproef onder 207 mannen van onbekende seksuele geaardheid slechts 8.2% was. [Zie ook een artikel in de New York Times over dit onderwerp]
In uitzending 59 van ATLAS (Radio 1, zondag 11 oktober 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ ( rond 19.50 uur) over:
Albatrossen fotograferen hun leefomgeving. Een groep Japanse en Britse onderzoekers heeft wenkbrauwalbatrossen (Thalassarche melanophrys) op South Georgia piepkleine fotocamera’s op de rug gebonden. De duizenden foto’s hebben een schat aan informatie over hun levenswijze opgeleverd. Ze blijken vaak samen met soortgenoten orka’s te volgen en resten van hun prooien te eten. Duiken deden de albatrossen weinig.
Zie: Sakamoto KQ, Takahashi A, Iwata T, Trathan PN, 2009 From the Eye of the Albatrosses: A Bird-Borne Camera Shows an Association between Albatrosses and a Killer Whale in the Southern Ocean. PLoS ONE 4(10): e7322. doi:10.1371/journal.pone.0007322
Het Dode Dier van de Week is de steenmarter (Martes foina). Na de vos die het westen van ons land inmiddels al gekoloniseerd heeft, is ook een ander inheems roofdier zijn verspreidingsgebied naar het westen aan het uitbreiden. Vorige week werd in Rotterdam-Zuid een dode steenmarter gevonden. Het jonge mannetje was aangereden. Het dier is opgenomen in de collectie van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Het oorspronkelijke verspreidingsgebied van de steenmarter ligt oostelijk van de lijn Groningen, Zwolle, Nijmegen, Maastricht. Vorig jaar zijn vijf steenmarters uit de omgeving van Rotterdam gemeld, dat is meer dan in de voorafgaande eeuw. De roofdiertjes leven in kleinschalig cultuurlandschap en nestelen in gebouwen, onder daken, op zolders en in kerktorens. In het oosten van het land veroorzaken ze weleens overlast doordat ze onder motorkappen van auto’s kruipen en aan de bedrading knagen. Ze worden – als verstekeling – via gemotoriseerd verkeer verspreid, maar vermoedelijk verbreden ze ook op eigen kracht hun horizon.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – Fumiaki Taguchi, Song Guofu en Zhang Guanglei van Kitasato University in Japan wonnen dit jaar de Ig Nobelprijs in de categorie biologie voor het aantonen dat keukenafval met meer dan 90% in gewicht teruggebracht kan worden door het te laten afbreken met behulpn van bacterien uit de uitwerpselen van de grote panda (Ailuropoda melanoleuca). De betreffende bacterien produceren enzymen die bij hoge temperaturen (tot 70 graden celcius) hun werk doen. De onderzoekers behandelden dagelijks 1 kilo keukenafval (vis, groente, rauwe en gebakken aardappelen) met de pandapoep-bacterien, en wisten zo in vier weken tijd 24 kilo afval te reduceren tot 0.96 kilo. Waarom de bacterien uit pandapoep zo goed werken, is onduidelijk. Het hoofdvoedsel van panda’s – bamboe – vraagt kennelijk voor de vertering om ‘sterke’ enzymen. De betreffende publicatie is in het Japans; hier is de Engelse samenvatting.
In uitzending 58 van ATLAS (Radio 1, zondag 4 oktober 2009, 18.15-20.30 uur) spreek ik in mijn rubriek ‘de huisbioloog’ ( rond 19.50 uur) over:
Sue, de grootste en meest complete Tyrannosaurus rex die bewaard gebleven is, stierf aan ‘het geel’. Altijd is gedacht dat de wonden die zelfs in het bot van schedel van Sue zijn achtergebleven, waren veroorzaakt door bloederige gevechten. Recent onderzoek, gepubliceerd in Plos ONE, komt met een andere verklaring: de parasiet Trichomonas is er verantwoordelijk voor. Een sterk verwante eencellige veroorzaakte de afgelopen zomer de ziekte ‘het geel’ waardoor veel zangvogels stierven. De sporen (wondkraters) in de kaken van Sue vertonen grote gelijkenis met die in zangvogelschedeltjes van nu die aan ‘het geel’ stierven.
Onwaarschijnlijk Onderzoek – Afgelopen donderdag zijn in Cambridge, Massachusetts, in het statige Sanders Theater van de Harvard Universiteit, voor de 19e keer de Ig Nobelprijzen uitgereikt aan onderzoekers die met hun werk ‘mensen eerst aan het lachen maken en daarna aan het denken zetten’. De tien prijzen vielen dit jaar in de categorieen diergeneeskunde, vrede, economie, scheikunde, geneeskunde, natuurkunde, literatuur, volksgezondheid , wiskunde en biologie. Niet minder dan negen echte Nobelprijswinnaars reikten de felbegeerde prijzen uit. Ik zal de winnende onwaarschijnlijke onderzoeken bespreken. De complete lijst met winnaars is hier na te lezen.
On Ig Nobel night (in a few hours, the 2009 Ig Nobel prizes will be awarded in Sanders Theatre of Harvard University), I salute all new and past winners, and all people involved in the ceremony: next year the duck will quack again!
And here is an duck related quote I just found on Telegraph.co.uk:
One of the greatest sentences in modern science writing: “Next to the obviously dead duck, another male mallard … mounted the corpse and started to copulate, with great force.” [read the complete paper here]
The 2009 Ig Nobel Prize ceremony will be web-casted here – live – tonight at 19.15h Boston time or 01.15h Amsterdam time. The list of new winners will be on improbable.com soon after the ceremony ended.