Rotterdamse natuurvorsers

Essay_Roterodamum_2_2015Woensdag 6 januari 2016 werd het tweede Essay Roterodamum gepresenteerd in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. De Stichting Historische Publicaties Roterodamum, initiatiefnemer en uitgever van de essayreeks, verleende mij de eervolle opdracht het te schrijven. Het 60 pagina’s tellende en mooi vormgegeven boekje is getiteld ‘Rotterdamse Natuurvorsers’. Ik schreef er de volgende ‘disclamer’ boven, want ik ben geen historicus:

Dit essay gaat over Rotterdamse natuurvorsers en natuurvorsen in Rotterdam. Het heeft een autobiografisch karakter en is daardoor beslist geen allesomvattend geschiedkundig overzicht van iedereen die in en om Rotterdam bij natuuronderzoek betrokken is of was. Het geheel is een samenraapsel dat slechts twee verbindende elementen kent: verwondering en bewondering voor de natuur en mijn eigen interesses en belevenissen.

De presentatie van het essay werd ingeleid door een van de redactieleden, Matthijs Dicke. Van hem zijn de volgende (lovende) woorden:

… dit is het tweede essay in onze nieuwe, nog jonge reeks. Ik denk dat het een meer dan geslaagde opvolger is van het eerste essay van Henk Hofland dat in het najaar van 2014 verscheen. Net als Hoflands herinneringen aan zijn Rotterdamse jeugdjaren, beantwoordt jouw autobiografische verhaal eveneens aan de wens van onze stichting om een beeld te geven van de beleving van de stad in historisch perspectief. Je schrijft over je vroege kennismaking met het vak biologie en met de stadsnatuur van Rotterdam. Zonder dat je het verhaal strikt chronologisch hebt opgebouwd, volgen we je eigenlijk stapje voor stapje in je ontwikkeling als lokale natuurvorser. Dit verhaal verrijk jevoortdurend met verwijzingen naar geestverwante personen, of het nu gaat om wetenschappers van lang geleden die jou inspireerden of juist om nabije vrienden met wie jij je lange ontdekkingstocht tot op de dag van vandaag hebt gemaakt en beleefd. Dit levert een prachtig, afwisselend, gelaagd verhaal op.

Zo passeren bijvoorbeeld je eerste schelpenverzameling waarover je een brief schrijft aan Donald Duck en een expeditie op de Bergse Plassen waar jij als tiener in 1973 samen met je vogelvriend Michiel Hendriks de eerste Nijlgans van Rotterdam ontdekt. Je beschrijft verschillende Rotterdamse biologen die je voorgingen, onder wie Anton van Deinse, in wie jij jezelf enigszins herkent omdat hij veel publiceerde en omdat hij – zoals je schrijft – oog heeft voor het ongewone. Je schrijft dit alles in een mild-wetenschappelijke, toegankelijke en tegelijkertijd droogkomische stijl, die we van jou kennen.

Het mooie van het essay is dat we jou als persoon, met je bijzondere passie en fascinaties voor jouw vak beter leren kennen en dat je tegelijkertijd een beeld geeft van Rotterdam als natuurhistorisch decor dat altijd in beweging is en dus ook altijd actueel, relevant en urgent is. Het essay gelezen hebbend – het privilege van de redacteur – zal ik voorgoed anders naar de stad kijken. En ik ben ervan overtuigd dat alle Rotterdammers die het gaan lezen dat het komend jaar ook zullen doen. Hulde en duizendmaal dank, ook namens mijn mederedacteuren Arij de Boode, Els van den Bent en Nelleke Noordervliet, die de eerste versie eveneens met veel plezier hebben gelezen.

De eerste exemplaren werden door de uitgever op mijn verzoek aangeboden aan Kees Heij (die mij op het juiste moment omstreeks 1970 in aanraking bracht met de natuurhistorie) en Ferry van Jaarsveld (22), veelbelovend preparateur en de jongste vrijwilliger van het Natuurhistorisch Museum. De aanwezigen ontvingen allemaal een exemplaar van het essay.

De avond eindigde met een traditionele signeersessie:

De auteur signeert het exemplaar van Erwin Kompanje.

De auteur (rechts) signeert het exemplaar van Erwin Kompanje (links).

Essay Roterodamum 2 is (beperkt) verkrijgbaar: voor Euro 9,90 in de winkel van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Leden van Historisch Genootschap Roterodamum hebben een (automatisch) abonnement. Essay nummer 1 verscheen in 2014 en werd geschreven door Henk Hofland.

De Ig Nobelprijzen van 2015

The_2015_Ig_Nobel_Prize_Photo_Eric_Workman In de nacht van donderdag op vrijdag 17/18 september 2015 zijn in het Sanders Theater van de Harvard Universiteit in de Verenigde Staten de tien nieuwe Ig Nobelprijzen uitreikt aan wetenschappers die met hun werk ‘mensen eerst aan het lachen maken en daarna aan het denken zetten’. Het was de 25e keer dat de Ig Nobelprijzen zijn uitgereikt. Dit jaar werd weer een Nederlander bekroond: taalwetenschapper Mark Dingemanse ontving, samen met zijn mede-onderzoekers Francisco Torreira en Nick J. Enfield, de Ig Nobel Literatuurprijs voor ‘de ontdekking dat het woord ‘hè?’ (of het equivalent daarvan) in vrijwel elke menselijke taal voor lijkt te komen – zonder er zeker van te zijn waarom.’

In de nu 25 jarige Ig Nobel geschiedenis, met 250 prijzen, is Nederland twaalf keer bekroond.

Voor een overzicht van alle winnaars sinds 1991, klik hier.

De prijzen werden uitgereikt door de (echte) Nobelprijswinnaars Carol Greider (fysiologie of geneeskunde 2009), Eric Maskin (Economie, 2007), Frank Wilczek (Natuurkunde, 2004), Jack Szostak (fysiologie of geneeskunde, 2009) en Dudley Herschbach (scheikunde, 1986).

Dit zijn de winnaars van 2015, en de categorieën waarin de prijzen zijn gevallen:

Ig Nobel Scheikundeprijs 2015
Callum Ormonde en Colin Raston [AUSTRALIA], en Tom Yuan, Stephan Kudlacek, Sameeran Kunche, Joshua N. Smith, William A. Brown, Kaitlin Pugliese, Tivoli Olsen, Mariam Iftikhar, Gregory Weiss [USA] voor het uitvinden van een scheikundig recept voor het gedeeltelijk ‘ontkoken’ van een ei.

Referentie: “Shear-Stress-Mediated Refolding of Proteins from Aggregates and Inclusion Bodies,” Tom Z. Yuan, Callum F. G. Ormonde, Stephan T. Kudlacek, Sameeran Kunche, Joshua N. Smith, William A. Brown, Kaitlin M. Pugliese, Tivoli J. Olsen, Mariam Iftikhar, Colin L. Raston, Gregory A. Weiss – ChemBioChem, epub January 2015.

Ig Nobel Natuurkundeprijs 2015
Patricia Yang [USA & TAIWAN], David Hu [USA & TAIWAN], en Jonathan Pham, Jerome Choo [USA] voor het testen van het biologische principe dat vrijwel alle zoogdieren hun blaas in ongeveer 21 seconden legen (plus of min 13 seconden).

Referentie: “Duration of Urination Does Not Change With Body Size,” Patricia J. Yang, Jonathan Pham, Jerome Choo, and David L. Hu – PNAS (Proceedings of the National Academy of Sciences), 2014: 201402289

Ig Nobel Literatuurprijs 2015
Mark Dingemanse [THE NETHERLANDS, USA], Francisco Torreira [THE NETHERLANDS, BELGIUM, USA], en Nick J. Enfield [AUSTRALIA, THE NETHERLANDS] voor de ontdekking dat het woord ‘huh?’ (of het equivalent daarvan) in vrijwel elke menselijke taal voor lijkt te komen – zonder er zeker van te zijn waarom.

Referentie: “Is ‘Huh?’ a universal word? Conversational infrastructure and the convergent evolution of linguistic items,” Mark Dingemanse, Francisco Torreira, and Nick J. Enfield – PLOS ONE, 2013.

Ig Nobel Managementprijs 2015
Gennaro Bernile [ITALY, SINGAPORE, USA], Vineet Bhagwat [USA], en P. Raghavendra Rau [UK, INDIA, FRANCE, LUXEMBOURG, GERMANY, JAPAN], voor de ontdekking dat veel topmanagers in hun kindertijd een voorliefde ontwikkelden voor het nemen van risico’s als zij natuurrampen (zoals aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, tsunami’s en bosbranden) meemaakten die – voor henzelf – geen akelige persoonlijke consequenties hadden.

Referentie: “What Doesn’t Kill You Will Only Make You More Risk-Loving: Early-Life Disasters and CEO Behavior,” Gennaro Bernile, Vineet Bhagwat, and P. Raghavendra Rau – Asian Finance Association (AsianFA) 2015 Conference Paper, SSRN 2423044.

Ig Nobel Economieprijs 2015
The Bangkok Metropolitan Police [THAILAND] voor het aanbieden van extra geld aan politiemensen die weigeren zich te laten omkopen.’

Referentie: talloze nieuwsberichten

Ig Nobel Geneeskundeprijs 2015
Gezamenlijk uitgereikt aan twee groepen: Hajime Kimata [JAPAN, CHINA]; en aan Jaroslava Durdiaková [SLOVAKIA, US, UK], Peter Celec [SLOVAKIA, GERMANY], Natália Kamodyová, Tatiana Sedláčková, Gabriela Repiská, Barbara Sviežená, en Gabriel Minárik [SLOVAKIA] voor experimenten die de biomedische voordelen of consequenties van intensief kussen (en andere intieme interacties tussen personen) bestuderen.

Referentie: “Kissing Reduces Allergic Skin Wheal Responses and Plasma Neurotrophin Levels,” Hajime Kimata – Physiology and Behavior, vol. 80, nos. 2-3, November 2003, pp. 395-8.

Referentie: “Reduction of Allergic Skin Weal Responses by Sexual Intercourse in Allergic Patients,” Hajime Kimata – Sexual and Relationship Therapy, vol 19, no. 2, May 2004, pp. 151-4.

Referentie: “Kissing Selectively Decreases Allergen-Specific IgE Production in Atopic Patients,” Hajime Kimata – Journal of Psychosomatic Research, vol. 60, 2006, pp. 545– 547.

Referentie: “Prevalence and Persistence of Male DNA Identified in Mixed Saliva Samples After Intense Kissing,” Natália Kamodyová, Jaroslava Durdiaková, Peter Celec, Tatiana Sedláčková, Gabriela Repiská, Barbara Sviežená, and Gabriel Minárik – Forensic Science International Genetics, vol. 7, no. 1, January 2013, pp. 124–8.

Ig Nobel Wiskundeprijs 2015
Elisabeth Oberzaucher [AUSTRIA, GERMANY, UK] en Karl Grammer [AUSTRIA, GERMANY] ‘voor het inzetten van wiskundige technieken om vast te stellen of en hoe Moulay Ismael de Bloeddorstige, de Keizer van Marokko, tussen 1697 en 1727 achthonderdachtentachtig (888) kinderen verwekte.’

Referentie: “The Case of Moulay Ismael – Fact or Fancy?” Elisabeth Oberzaucher and Karl Grammer – PLOS ONE, vol. 9, no. 2, 2014, e85292.

Ig Nobel Biologieprijs 2015
chicken_stickBruno Grossi, Omar Larach, Mauricio Canals, Rodrigo A. Vásquez [CHILE] en José Iriarte-Díaz [CHILE, USA], ‘voor de observatie dat wanneer je een stok-met-een-gewicht aan het achterste van een kip bevestigt, de kip dan op een manier loopt die overeenkomt met de wijze waarop men denkt dat dinosaurussen liepen.’

Referentie: “Walking Like Dinosaurs: Chickens with Artificial Tails Provide Clues about Non-Avian Theropod Locomotion,” Bruno Grossi, José Iriarte-Díaz, Omar Larach, Mauricio Canals, Rodrigo A. Vásquez – PLoS ONE, vol. 9, no. 2, 2014, e88458. [bij het artikel hoort een video: ‘Lateral view of a control and an experimental chicken during normal walking‘]

Ig Nobel Diagnostische geneeskundeprijs 2015
Diallah Karim [CANADA, UK], Anthony Harnden [NEW ZEALAND, UK, US], Nigel D’Souza [BAHRAIN, BELGIUM, DUBAI, INDIA, SOUTH AFRICA, US, UK], Andrew Huang [CHINA, UK], Abdel Kader Allouni [SYRIA, UK], Helen Ashdown [UK], Richard J. Stevens [UK], and Simon Kreckler [UK], ‘voor het vaststellen dat een acute blindedarmontsteking nauwkeurig gediagnosticeerd kan worden door de hoeveelheid pijn (te meten) die de patiënt heeft wanneer hij/zij over een verkeersdrempel gereden wordt.’

Referentie: “Pain Over Speed Bumps in Diagnosis of Acute Appendicitis: Diagnostic Accuracy Study,” Helen F. Ashdown, Nigel D’Souza, Diallah Karim, Richard J. Stevens, Andrew Huang, and Anthony Harnden – BMJ, vol. 345, 2012, e8012.

Ig Nobel Fysiologie- en Entomologieprijs 2015
Gezamenlijk toegekend aan twee individuen: Justin Schmidt [USA, CANADA], voor het nauwgezet creëren van de Schmidt Sting Pain Index die de relatieve pijn classificeert die mensen voelen wanneer ze worden gestoken door verschillende soorten insecten; en Michael L. Smith [USA, UK, THE NETHERLANDS], voor het zorgvuldig arrangeren van herhaalde bijensteken op 25 verschillende plaatsen op zijn lichaam, om er achter te komen welke plaatsen het minst pijnlijk zijn (schedel, puntje van de middenteen, bovenarm) en welke het pijnlijkst zijn (neusvleugels, bovenlip, schacht van de penis).

Referentie: “Hemolytic Activities of Stinging Insect Venoms,” Justin O. Schmidt, Murray S. Blum, and William L. Overal – Archives of Insect Biochemistry and Physiology, vol. 1, no. 2, 1983, pp. 155-160.

Referentie: “Honey Bee Sting Pain Index by Body Location,” Michael L. Smith – PeerJ, 2014, 2:e338.

bee_sting_figure-web

De Capelsebrugboulevard

Sinds eind november 2014 is er ook werk van mij te horen (!) in de publieke ruimte.
Erik Sandifort nodigde mij uit ‘om te reageren’ op het 70 meter lange panorama van Rotterdam dat hij heeft gemaakt ter verlevendiging van de ooit suffe en groezelige fietstunnel onder metrostation Capelsebrug, in Rotterdam. De vraag was eenvoudig, maar ik reageer zelden op kunst in de openbare ruimte. Daarom kostte het mij nog wel enige hoofdbrekens hoe ‘te reageren’. Uiteindelijk ben ik afgelopen nazomer een paar keer naar het metrostation gefietst (ik woon er in de buurt) om het werk van Sandifort op mij in te laten werken. Geheel volgens het boekje schreef ik wat mij inviel op, in het notitieboekje dat ik altijd bij mij draag. Het resultaat schreef ik op.

Het panorama, overigens, bestaat uit een serie superscherpe foto’s van Rotterdam langs de lijn Botlek – Noordereiland met de Nieuwe Maas als rode draag. Het is verbluffend wat er allemaal op te zien is. Ik zag warempel niets-vermoedende gebruikers van het openbaar vervoer en loslopende passanten kijken, jawel kijken. Dat deed ik ook, en nu is er dus ook wat te luisteren – naar een tekst van Jules Deelder en mijn woorden:

Capelsebrugboulevard

Dit is niet zomaar een plek, dit is het Capelsebrugpad: een tunnel door het metrotalud, een grens tussen stad en buitenwijk. Hier houdt de stad op en begint de polder – of andersom, zoals u wilt. Hierboven brengt de metro u zeker tien keer per uur de stad in of uit. Mijn reisadvies: blijf waar u bent!

Kijk hier. Van het stadshart naar het Noordereiland, de Kop van Zuid, Katendrecht, de Waalhaven, van Delfshaven tot de Botlek – een wijds panorama waarin de Nieuwe Maas alles verbindt. Met zo’n geweldig uitzicht op de stad is dit geen pad meer maar een boulevard, de Capelsebrugboulevard.

Sta even stil. Haal een patatje en een blikje fris, en kijk uw ogen uit. De waterbus vaart, een vlag hangt halfstok. Vliegt daar nu ook een meeuw? En dan het groen, ziet u dat ook? Op Zuid staan meer bomen dan gebouwen, en overal, zelfs tussen haven en industrie, kruipt de polder de stad in, of juist weg.

Open land, weidsheid. Koeien rukken op. U ruikt welhaast het veen, de klei, het natte gras. En stop, hoor het goed: de roep van de kievit. De stad is niet meer wat het was, geen stapel steen en staal. Het groen vecht terug en wint terrein. U ziet het hier: de stad is ook natuur.

Capelsebrugboulevard_2015
Zelf heb ik het ‘geluidsdocument’ ondanks vier (!) pogingen nooit gehoord, maar vermoedelijk trof ik iedere keer een storing. Ga eens kijken en luisteren langs de Capelsebrugboulevard, het is zeker de moeite waard. Al is het maar om het geluid van een baltsende kievit. Volgens de RET is het zelfs een belevenis.

Luister hier naar een reportage over dit onderwerp op Radio Rijnmond.

Rapid decapitation, followed by homosexual necrophilia

Rackelhahn_in_copula_2004Here is a gem that I found in the depths of the Internet. It adds to my ‘Animal Necrophilia Files’ and documents one of the most dramatic cases of avian homosexual necrophilia, and the first case I know of in Galliformes.

The three-minute video was first posted on the Internet on 7 April 2007 and titled ‘Der Rackelhahn – Ein unfruchtbarer Bastard’. It is dated 2004 and was taken and edited by Herbert Rödder *. ‘Professional hunter’ Hilmar Wichmann acted as biological consultant and producer (Rödder 2004). The location where the video was taped is unclear, but it was probably somewhere in northern Germany. Spoken comments are in the German language. Main character is a ‘Racklehahn’ – a male hybrid between a Capercaillie (Tetrao urogallus) and a Black Grouse (Tetrao tetrix). Both species occur across much of northern Eurasia and yield this hybrid throughout the zones of overlap within their respective distribution ranges and habits, especially in Scandinavia (Cramp & Simmons 1980; McCarthy 2006).

The video shows a snowy, forested landscape. It is a Black Grouse lek – an aggregation of males that gather to engage in competitive displays that may entice visiting females who are surveying prospective partners (for copulation). Two male Black Grouses are displaying. They do not attract females, but a Racklehahn. This cock quickly and vigorously attacks one of the Black Grouses. The much bigger bird tramples the grouse, hits him with his wings and forcefully pecks his head, with special attention for the bright red combs. After a mere 40 seconds the Racklehahn ends the fight by ripping off the head and throwing it away. Then he immediately mounts the lifeless mess and copulates for 20 seconds. After dismounting, the cock keeps pecking into the decapitated body.

The wording of the voice-over is carefully chosen, and spoken with appropriate diction:

‘Seine Kampf entsteigt er so weit das er den Kopf abreißt und weg schmeißt. Es ist kaum zu glauben das ein Vogel zu solch eine grausame Tat fähig ist. Was vor und hinten ist an dem zerfetztem Birkhahn ist kaum erkennbar. Trotzdem kopuliert der Rackelhahn mehrere Male auf dem leblosen Körper [ … ] Die Natur kann schön sein, aber auch grausam.’

[As he loses himself in the fight, he tears off the head and throws it away. It is hard to believe that a bird is capable of doing such a cruel act. What’s the front or rear of the tattered Black Grouse is barely visible. Nevertheless, the Rackelhahn copulates the lifeless body several times. Nature can be beautiful, but also cruel.]

Hybrids between male Black Grouse and female Capercaillie are the most common grouse hybrids (Porkert et al. 1997). They mostly turn out to be males (McCarthy 2006), and are known to occur solitary on black grouse leks where they display aggressively towards male black grouse (Hjorth 1970; Porkert et al. 1997). What this video documents – a fight that ends with the violent death (by decapitation) of a black grouse, immediately followed by a (homosexual necrophiliac) copulation – was not documented before. It is a unique case in animals. Homosexual necrophilia after non-violent death is known, in ducks and other vertebrates.

male hybrid 'Rackelhahn' mating with female capercaillie. [from: Porkert et al. (1997)]

Male hybrid ‘Rackelhahn’ mating with female capercaillie. [from: Porkert et al. (1997)]

Although the decapitated grouse was a complete mess, the Racklehahn did mount the rear end, and mated while holding the neck (as the head was missing) with the drooped position of the partly spread wings (the classic copulatory position of Capercaillie – contrary to beating the wings during copulation by black grouse [Porkert et al. 1997]). The shivering body of the copulating Racklehahn clearly indicates penetration and ejaculation.

* I tried to trace and contact the people who took and produced this video, but failed. Should any know them, please let me know as I am interested to see the uncut footage.

References

McCarthy, E.M. 2006 – Handbook of Avian Hybrids – Oxford University Press [PDF]

Hjorth, I. 1970 – Reproductive behaviour in Tetraonidae with special reference to males – Viltrevy 7(4): 181-596

Porkert, J., Solheim, R. & Flor. A. 1997 – Behaviour of hybrid male Tetrao tetrix (male) x T. urogallus (female) on black grouse leks – Wildlife Biology 3(3/4): 169-176

Rödder, H. 2004 – ‘Der Rackelhahn – Ein unfruchtbarer Bastard’ –  HR-Studio, http://www.myvideo.de/watch/1195637/Der_Rackelhahn_Ein_unfruchtbarer_Bastard

Schaamluis en schaamhaarverwijdering

schaamluisLandoisEindelijk is er weer een wetenschappelijke studie verschenen naar het verband tussen het verdwijnen van de schaamluis (Pthirus pubis) en het verwijderen van schaamhaar. In 2006 trokken twee Britse artsen, Nicola Armstrong en Janet Wilson, aan de bel in het vakbad ‘Sexually Transmitted Infections’ (STI – 82 [2006]: 265-266). Onder de intrigerende titel ‘Did the Brazilial kill the Pubic Louse‘ beschreven zij voor het eerst een sterke afname van het aantal gevallen van schaamluis in hun SOA-kliniek terwijl het aantal gevallen van andere seksueel overdraagbare aandoeningen zoals gonorroe en chlamydia juist toenam. Dit was in de periode 1997 – 2004, precies toen schaamhaarverwijdering in zwang kwam. De link tussen deze twee fenomenen was snel gelegd: schaamluizen zijn nu eenmaal aan schaamhaar gebonden. Dankzij de vondst van Armstrong & Wilson vertel ik nu te pas en te onpas dat biotoopvernietiging op het eigen lichaam ook van invloed is op de lokale biodiversiteit.

Figure 1 Dholakia et al. 2014De nieuwe studie, ‘Pubic Lice: An Endangered Species?’, staat in in het juni-nummer van Sexually Transmitted Diseases [41(6): 388-391]. Shamik Dholakia, Jonathan Buckler, John Paul Jeans, Andrew Pillai, Natasha Eagles en Shruti Dholakia van het Milton Keynes General Hospital in Buckinghamshire, analyseerden 3850 geretourneerde vragenlijsten over schaamluis en schaamhaar. Over de periode 2003 – 2013 vonden zij een aantal opvallende trends, die de voorspelling van Armstrong & Wilson stevig bevestigen:

Results: A significant and strong correlation between the falling incidence of pubic lice infections and increase in pubic hair removal was observed.

Conclusions: The increased incidence of hair removal may lead to atypical patterns of pubic lice infestations or its complete eradication as the natural habitat of this parasite is destroyed.

Voor het uitsterven van de soort hoeven we gelukkig niet te vrezen want Dholakia et al. zien ook een lichtpuntje:

As culture and practice changes, we may see a changing atypical pattern of pubic lice infestations, as they try to colonize other habitats such as chest or eyebrow hair.

Hoewel 3850 een mooi aantal respondenten is, zien de onderzoekers ook de beperkingen: de gemiddelde leeftijd is 24 jaar en bijna 80% valt in de categorie ‘white/European’. Geen representatieve weerspiegeling van de Britse samenleving, dus. Voor het uitsterven van de schaamluis hoeven we niet te vrezen, maar op micro-niveau is het nu wel duidelijk dat de soort op zijn retour is.

Hieronder een mooi geconserveerd monster schaamluizen uit de collectie van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam, uit een periode waarin de schaamluis nog niets te vrezen had.

Phthirus pubis NMR

The Homosexsual Necrophiliac Duck Opera

Composer Daniel Gillingwater, in 'The Betsey Trotwood', London, March 2006.

Composer Daniel Gillingwater, in ‘The Betsey Trotwood’, London, March 2006.

A couple of weeks ago composer Daniel Gillingwater, who I know from some 2006 Ig Nobel adventures in the UK, brought me thrilling news by e-mail:

“We are having the premiere of ‘The Homosexual Necrophiliac Duck Opera’ at the Ig Nobel Show, Imperial College, London next March.”

I knew vaguely about his plan and then thought he was joking. But now it seemed real. I have to admit, the dead duck (paper) changed my life, did inspire some people, and I even made a few laugh-and-think (see my 2013 TED-talk), but the performing arts – even an opera – are new grounds to me.

So I asked Daniel about the creation and message of his work. Here is his response:

Sarah Remond will play (and sing) me.

Sarah Remond will play (and sing) me.

“Kees, I have long admired your Ig Nobel Prize winning paper ‘The first case of homosexual necrophilia in the mallard (duck)’ (PDF). Last summer, under the influence of too many espressos in the Welcome Trust cafe with Ig Nobel founder Marc Abrahams, I put forward the suggestion that your Dead Duck Paper would make a fine mini opera. At which point Marc sprayed his coffee across the table and implored me to go home and begin work. Eight months later I did. By February 2014 it was all but finished.”

“I have set it for solo high voice, in this premiere performed by Sarah Redmond (playing your role, as  witness and first [and only author]). The gender difference need not be an issue as you are an elegant and willowy specimen, much like Sarah. The scoring also includes clarinet quintet, the Edge Ensemble with Shaun Thompson on clarinet. We have a vocal chorus of four – soprano, alto, tenor and bass punctuating the section beginning ‘Rather startled, I watched …’ which is the final vivace section of a pseudo Mozartian aria.”

“The two male singers will also be portraying the mallard ducks in question, through the medium of contemporary dance. A tasteful re-enactment of the duck display, mixing flowing, poetic body movements and extreme sexual violence.”

My excitement grew. The actual words of my classic 2001 paper would be sung and the duck’s display re-enacted! I had to find a way to participate. So I convinced Daniel that I am a virtuoso at playing the ‘Duck Call’. He agreed immediately:

“Now this rarely used orchestral instrument will be in the heart of the whole work and serves to comment sardonically on the comparisons of this act of homosexual necrophilia and the state of western civilisation today.”

My duck call (book not related).

My duck call (book not related).

Although I do not read a note of music, I am extremely confident in my role.

Come, see and listen: Ig Nobel Tour of the UK, 14 March 2014, 18:00-20:00h: Imperial College, London (South Kensington Campus, The Great Hall, Sherfield Building), with Marc Abrahams, including the world premiere of ‘The Homosexual Necrophiliac Duck Opera’ composed by Daniel Gillingwater, performed by Sarah Redmond, the Edge Ensemble with Shaun Thompson, and me, and more improbable stuff. [tickets]

La Ciudad de las Ideas

From 7 till 9 November 2013 I was part of an incredible event in Puebla, Mexico, called ‘La Ciudad de las Ideas‘, ‘a festival of bright minds, a celebration of humanity’s creativity and curiosity’ as the organizers call it. About 60 speakers and artists from all over the world performed for an audience of over 3000, called Ideasta’s. I feel privileged to have spoken there about ‘The Duck, his Mate, and the Pubic Lice’.

A nice wrap-up of my (12 minute) talk was made by Peter Durand of Alphachimp Learning Systems. It is depicted here:

by Peter Durand, Puebla, Mexico, November 2013