Weg met de grasmaaier!

Op zondag 14 juni 2020 sprak ik deze column uit in het radioprogramma ‘Vroege Vogels’: [hij is hier ook terug te luisteren]

Hij moet het met een eenvoudige gedenkplaat doen, maar als Edwin Beard Budding – de uitvinder van de grasmaaier – een standbeeld had gehad, dan was hij deze week vast en zeker van zijn sokkel getrokken. De grasmaaier, die kan echt niet meer. Gepatenteerd in Engeland 1830 als mechanische vervanger van de zeis, sikkel en grazende geiten, bracht de uitvinding uitkomst voor het millimeteren van golfbanen en voetbalvelden. Tegenwoordig is het een machine die elke vorm van wildgroei coupeert. Er zijn nu cirkelmaaiers, klepelmaaiers, zitmaaiers, robotmaaiers en – de ergste van allemaal – bosmaaiers, een soort staafmixer voor de moeilijke hoekjes. Vanwege het onuitroeibare ‘Alles Moet Kapot’ is er zelfs een in Amerika gepatenteerde motormaaier die via de uitlaatgassen een chemisch goedje vernevelt dat insecten doodt en, afhankelijk van het gifmengsel, ook ongewenste vegetatie uitroeit. Tel uit je winst.

Het maaien beperkt zich niet tot het gras van suffe gazons en speelweiden, nee ook bloemrijke bermen en braakliggende terreinen gaan onder het mes. Daar waar zich straatgras en andere flora tussen stoeptegels vertoont en maaimachines kansloos zijn, wordt zwaarder geschut ingezet: zogenaamd milieuvriendelijke stoomspuiten en – jawel – vlammenwerpers. Zelfs voor je eigen straatje of tuinpad zijn er de ‘Thermoflamm Bio Classic’ (op gas), de ‘Thermo Kill Trio’ (elektrisch), en de ‘Green Power Evolution’ (ook elektrisch). De strijd tegen alles wat zich boven het maaiveld vertoont, is big business en dat allemaal onder het mom van ‘groenbeheer’.

De coronacrisis leerde mij dat het anders kan en dat zelfs saaie gazons kunnen opfleuren. Vanuit mijn vrijwillige isolatie in het Natuurhistorisch Museum, waar ik werk, kijk ik uit op het Rotterdamse Museumpark. Daar werd vlak voor het paasweekend een hek omheen gezet, omdat de picknick- en andere coronaparty’s niet meer te handhaven waren. De trieste aanblik van een stadspark zonder mensen veranderde opvallend snel in een park met bloemrijk grasland. Doordat ook de motormaaier wegbleef, bloeiden de madeliefjes en paardenbloemen op tot een ongekende oppervlaktedekking. Ze stonden overal, dicht opeen en het gonsde er van de wilde bijen en zweefvliegen. Toen begin juni de coronamaatregelen versoepelden, de musea weer openden en het hek verdween, werd het gras met bloemen en al gemaaid. Alles was weer ‘zoals het hoort’ – kort en netjes – ongetwijfeld volgens een door de gemeentelijke groenbeheerders goedgekeurd maaiprotocol.

Positieve uitzonderingen daargelaten, vermorzelt de grasmaaier nog veel te veel spontane natuur in de stad en daarbuiten. Waar stadsbewoners, bioboeren en ecologen de handen ineenslaan om de biodiversiteit naar een hoger plan te tillen, volharden groenbeheerders in achterhaalde ideeën hoe parken, tuinen, bermen en slootkanten er uit moeten zien. Het is tijd voor verandering. Weg met de grasmaaier!

Het Stadsnatuurreservaat achter het Natuurhistorisch Museum Rotterdam werd eind mei 2020 per abuis gemaaid.

One thought on “Weg met de grasmaaier!

  1. De meeste grootstedelijke grasvelden zijn bedoeld voor menselijke recreatie. Op zonnige zondagen komen de gezinnen in Rotterdam die in hun huis alleen een balkon hebben naar buiten en recreëren in de vele mooie parken in de stad, zoals het Vroesenpark, het Euromastpark en het museumpark. Het gras daar hoog laten groeien dient geen doel. Dus laten we daar de grasmaaiers voor behouden. Dat aannemers het te moeilijk vinden om aan de maaiers uit te leggen wat wel en wat niet gemaaid moet worden dat is onvergeeflijk gezien de vele gemaaide vlinderstroken, en stadsreservaten. Voorbeelden te over, en er wordt klaarblijkelijk niet van geleerd. Dit doet vermoeden dat zij er geen interesse in hebben en het gemak van graag hun excuses aanbieden als het misgaat, zoals onlangs bij het Rotterdamse Natuurmuseum gebeurde, incalculeren.Grasmaaiers verbieden zal geen doel dienen, en aannemers zelf beter op laten letten zal een illusie zijn. Ik ben bang dat er nog vele stadsreservaten, vlinderstroken en andere ecologische projecten onder de grasmaaiers zullen sneuvelen. Wellicht is het plaatsen van een dertig centimeter hoge stenen dam om het reservaat of, nog beter, het leggen van meerdere grote zwerfkeien in het reservaat de beste oplossing. De aannemers die dan niet willen luisteren zullen het dan voelen als hun dure maaiers kapotslaan op de prehistorische keien.

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s